Technische minimum vereisten waaraan een GPS-referentiestation moet voldoen.

a. Het referentiestation van de GPS-dienstverlener:

·    Het referentiestation dient - behoudens onvoorziene omstandigheden - vanaf de datum van ondertekening van het certificaat nog tenminste een jaar operationeel te zijn.

b. De GPS-ontvanger van de GPS-dienstverlener:

·    De ontvanger meet code- en fase- waarnemingen op de GPS-frequenties L1 en L2;

·    De ontvanger heeft tenminste 8 ontvangst kanalen.

c. De antenne van de GPS-dienstverlener:

·    De antenne ontvangt tenminste de GPS-frequenties L1 en L2.

·   Van de antenne is een absolute antenne kalibratie file beschikbaar. Zie de lijst op: http://anton.geopp.de/servlet/GNPCVND

·   De locatie van de antenne is niet toegankelijk voor onbevoegden.

·   De antenne moet Noord gericht zijn.

·   De beweging van de antenne mag  in geen enkele richting meer dan 1cm zijn.

d. Foto informatie van het referentiestation.

 

Eisen waaraan de aan te leveren waarnemingsgegevens van de GPS-dienstverlener moet voldoen voor de berekening van de certificering.**

a. Data van de waarnemingsbestanden:

·    Er moeten minimaal 3 waarnemingsbestanden per station geleverd worden. De meetgegevens van deze 3 dagen moeten binnen 2 weken verzameld zijn. De meetgegevens mogen niet ouder dan twee maanden zijn.

·    Deze meetgegevens moeten met een interval van 30 seconden in RINEX-formaat  beschikbaar worden gesteld, moeten continu gemeten zijn. Elk bestand bevat in totaal 24 uur aan waarnemingen.

    Te beginnen bij 00:00:00 UTC en eindigend om 23:59:30 UTC.

De kop van het RINEX bestand bevat de correcte stationsnaam, ontvangernaam en antenne type en is volgens de richtlijn van de RINEX formaat opgesteld.
De bestandsnaam van het waarnemingsbestand heeft de volgende indeling:
 

Waarnemingsbestand

SSSSDDDF.JJO

S

4 karakters voor stationsnaam of -code

DDD

dag van de meting in het bestand (1-366)

F

sessienummer  ” 0 ”

JJ

jaar

O

” O “ van observation

** Uw leverancier van de hardware kan behulpzaam zijn bij het programmeren van de meting en het aanleveren van de juiste antenne type.